Ik beschrijf de telefoontjes die ik krijg bij de Alzheimertelefoon, echter, deze verhaaltjes zijn een samenstelling van telefoontjes. Zoals ik ze beschrijf zijn ze niet met mij gevoerd. Alles is waar, maar het loopt door elkaar heen. Zussen, zijn geen zussen, broers zijn bijvoorbeeld een vader en een zoon, of andersom. Dit omdat ik vind dat de mensen die mij bellen recht hebben op privacy. De jarenlange ervaring met een moeder met Alzheimer heeft ook voor de nodige inspiratie gezorgd.
vrijdag 25 mei 2012
Nep
Soms, heel soms krijg je een telefoontje en dan denk je meteen: "hier klopt iets niet". Maar ik ga er nooit vanuit dat het een "nepper"is. Dus begin je een gesprek en probeer je uit te vinden of je gevoel echt is of dat het iemand is die toch informatie is. Hoe je dat doet dat kan ik niet beschrijven. Maar langzamerhand weet ik dat als je gevoel zegt dit is niet goed, dan is dat ook zo. Laatst belde er ook iemand: "ik weet niet wat ik aan moet met mijn vader". Daarna kreeg ik een heel vreemd verhaal dat kant nog wal raakte. In eerste instantie bleef ik netjes vragen wat er aan de hand was en wat ik daaraan kon doen. Maar naarmate het gesprek vorderde werd het toch steeds vreemder. Nou krijg je wel eens vreemde vragen maar dit sloeg werkelijk alles. Het was iemand die de klok over Alzheimer had horen luiden, maar echt niet wist hoe het werkte. Uiteindelijk vroeg ik, of dit een grap was of echt. Ineens werd er op de achtergrond gelachen, en de beller begon te giegelen. Ik heb opgehangen, ik was woest, ik begrijp echt niet waarom mensen zoiets raars doen. Zomaar de Alzheimertelefoon bellen of 112, of meer instanties die hulp moeten bieden. Ik kan er met mijn pet niet bij. Helaas zullen er altijd van dit soort "grapjassen"blijven bestaan. Misschien als ze ooit zelf echt hulp nodig hebben dat ze wijzer worden, misschien.
donderdag 19 april 2012
Verwarring
Soms moet je wel heel veel fantasie hebben als je bij een oudere ietwat dementerende dame op bezoek gaat. Zo kwam ik op een middag bij een mevrouw die een heel vreemd verhaal had: schat mijn vriend waar ik mee samen woon is net weggegaan en hij is nog steeds niet terug.” “Bedoel je je man Kees, die is al twaalf jaar dood”zeg ik. “Nee, die andere, waar ik al die tijd mee heb samen gewoond”. Ooh die: zeg ik, terwijl ik helemaal niet weet waar ze het over heeft. Ja zegt ze, die blijft af en toe slapen en dan gaat hij weer weg, dat moet hij natuurlijk zelf weten, want ik heb niets met hem”. Ja, zeg ik, het is misschien maar goed dat hij weg is. “Ik hoop wel dat hij terugkomt hoor” zegt de dame. Ik ga zitten en bedenk dat er misschien echt iemand bij haar is geweest. Je kunt tegenwoordig zomaar doorlopen in verzorgingshuizen. Ik kom er niet achter. Dus begin ik over andere dingen. “Leuke bloemetjes heb je staan”. “Ja, ik weet niet van wie ik die gekregen heb, ik heb ze denk ik zelf gekocht bij de winkel, daar loop ik regelmatig even binnen”. Ik weet dat dat niet waar is, maar ik praat rustig met haar mee. Dan zegt ze ineens: “er lopen hier groene mannetjes rond”. Verdwaasd kijk ik in het rond, “groen mannetjes?”vraag ik. “Ja, ze komen mijn kamer binnen en zingen dan een liedje en gaan dan weer weg. Soms zitten ze op de gang”. In een helder moment roep ik: “oooh, dat zijn natuurlijk padvinders, die komen zeker af en toe hier op bezoek”, daar hoef je niet bang voor te zijn hoor!!!” “Nee, zegt ze, “dat weet ik ook wel hoor, dat het van die kinderen zijn, je moet niet denken dat ik gek ben!” “Natuurlijk ben je dat niet, roep ik. Ik ga glimlachend naar huis. Ik hoop dat het echt padvinders waren, ik weet niet eens of die nog wel in groene pakjes lopen.
dinsdag 10 april 2012
Nogmaals "mijn alzheimermaatje
We doen het iedere maand. Bij elkaar eten. Gisteren zijn we naar mijn “alzheimermaatje”geweest. Haar man kookt. Zij kan het niet meer. Iedere keer als we ze zien ben ik benieuwd hoe het met haar is. Ze is weer achteruit gegaan. Verteld nu heel de tijd hetzelfde verhaal. Wij kunnen dat nog wel opbrengen. Maar haar man wordt er af en toe een beetje moe van. Dat kan ik zo goed begrijpen. Als je het hele weekend dezelfde zinnetjes hoort, of de plaat blijft steken dan raakt je geduld wel eens op. Toch heb ik grote bewondering voor hem. Hij haalt haar ieder weekend op . Laat haar het hele weekend lekker chillen zoals ze zelf zeggen. En brengt haar dan iedere zondag met veel verdriet weer naar het verpleeghuis. Hij kan niet ontspannen, kan niet verder met zijn leven, zijn vrouw zit altijd in zijn hoofd. Als hij even een ogenblik niet aan haar denkt, dan schiet het er zo weer in. Ik kan me niet voorstellen hoe dat moet zijn. Ik probeer het te begrijpen, maar ik denk dat het anders is als het je partner is. Ik vond het met mijn moeder al een drama. Met lood in mijn schoenen ging ik de eerste weken bij haar op bezoek, langzamerhand verminderde dat gevoel gelukkig wel. Maar wennen deed het nooit. Dat moet bij hem ook zo zijn. Het went nooit. Het blijft verschrikkelijk om iedere week je vrouw naar het verpleeghuis te brengen en met tranen in je ogen naar huis te rijden, alleen. Tot het volgende weekend.
zaterdag 31 maart 2012
"gezellige familiebijeenkomst"
Soms doe je vrijwilligerswerk bij oudere dames die af en toe willen dat je wat meer komt, of wat langer blijft. Dan verzinnen ze van alles. Ik ga 1x per twee weken op bezoek bij zo’n mevrouw. Ze had de laatste keer een nieuw dingetje. “Heb jij zin om met me mee te gaan naar een etentje hier in het huis?”Er kan niemand anders mee. En jij doet zoveel voor me, dus ik dacht dat je het wel leuk zou vinden.” Zeg daar maar eens nee op. Dus spreek ik met haar af dat ik om half vijf bij haar zal zijn. De dag voordat ik naar haar toe zou gaan, belt ze me op: “zeg als jij toch langs komt, zou jij dan mijn nieuwe korter gemaakte broek op willen halen, die doe ik dan aan.” Natuurlijk doe ik dat. Als ik bij haar aan kom, wil ze zich meteen omkleden. Wel blauwe bloes, geen blauwe bloes. Wel een vest of geen vest. Haar besluiteloosheid is echt wel komisch. Ik zet door, blauwe bloes en vest. Eindelijk zijn we klaar om naar de grote zaal te gaan. We wandelen op ons gemak. We doen er ook extra lang over omdat we allemaal mensen tegen komen die we kennen. Praatje hier, praatje daar. Als we in de grote zaal zijn, zoeken we een plaatsje voor twee personen bij het raam. “Gezellig he”? zegt ze. En dan worden er tot mijn grote schrik grote borden met ingewikkelde teksten naar binnen gedragen. Een dame stelt zich voor als maatschappelijk werkster en begint een zeer ingewikkelde toespraak te houden. Ik zie veel oudere mensen langzaam afhaken. De kinderen die meegekomen zijn liggen verveeld over de tafels. Ik haak ook af. Het gaat mij helemaal niets aan want ik ben geen contactpersoon of familie. Na het eten, wat erg lekker is, gaan de toespraken verder. Ik vind het bijzonder jammer, dat op het foldertje wat iedere bewoner heeft gekregen, stond, “gezellige familiebijeenkomst”. Daar had ik en ik denk meer mensen met mij toch een wat andere gedachte bij.
woensdag 21 maart 2012
"La Primavera"
Ik zat dit afgelopen weekend naar de Primavera te kijken. Dat is een wielerkoers van Milaan naar San Remo. Ergens op de Bloemenriviera valt de tv erin. Vanaf dat punt begin ik ook te kijken want ik ben een enorme wielerfan. Ik kijk naar alle voorjaarklassiekers enz. Dus de Primavera. Ik zit er helemaal in en opeens rijden ze door Laqueglia. Daar gingen we vroeger op vakantie. We zaten dan in Motel Euro. Prachtig uitzicht maar verder stelde het niet veel voor. Maar een lol dat we hebben gehad daar. En toen ik het op de tv zag kwamen zelfs de geuren van die vakantie’s naar boven. De wandeling naar beneden naar de “Bagni”. Daar hadden we dan een bed gehuurd voor de hele vakantie. Je zag iedere dag dezelfde Italiaanse families. Die zaten de hele dag daar. Met bakjes met eten erin. Mijn vader haalde tussen de middag de kaart tevoorschijn en dan werd er een “ritje”uitgestippeld. Meestal eindigde dat in een slaperig dorp waar nog siesta was en de winkels nog dicht waren. Maar ook dat mocht de pret niet drukken. Een ijsje erbij. Heel soms een terrasje langs een weg, met stoeltjes op de stoeprand. En meestal was het bloedheet. Stiekem hoopte je dan dat je niet zo laat weer terug was, dan konden we nog even naar het strand. Heerlijk was dat, laat in de middag, dan kwamen die families weer. De geuren van etensluchten die uit de diverse restaurantjes op de boulevard kwamen. En dan zanderig en warm loom terug naar het appartement. Vanaf het balkon loeren naar de zee, waar het langzaam donker werd. En dan kwamen de lichtjes van de vissersbootjes. We aten de spaghetti die mijn moeder in elkaar flansde. Heerlijk. Ik weet bijna zeker dat het niet lang zal duren of ik ga toch ook weer naar Italie.
donderdag 15 maart 2012
"alzheimertelefoon?"
Soms heel soms vraag je je af of de Alzheimertelefoon nog wel een middel van deze tijd is. Met alle sociale media die er zijn is er toch genoeg te lezen over het onderwerp Alzheimer. Ik weet nog dat toen mijn moeder alzheimer kreeg ik helemaal niet wist dat er zoiets als Alzheimer Nederland bestond. Daar ben ik pas veel, maar dan ook veel later achtergekomen omdat ik eens ging googelen op internet. Ik vind het nog steeds raar dat er bijvoorbeeld in een verpleeghuis niet op gewezen word dat er een Alzheimer Nederland bestaat, of een Alzheimer cafe. Misschien is dat intussen wel zo. Maar een jaar of 5 geleden dus nog niet. En als dat nu nog niet zo is, dan vind ik dat werkelijk een gemis. Ik vind dat er bijvoorbeeld bij bibliotheken of bij huisartsen een foldertje zou moeten liggen. Met alle beschikbare telefoonnummers. Maar wie ben ik. Dus als ik me afvraag of de Alzheimertelefoon nog wel van deze tijd is, dan zeg ik ja. Ja, het is nog steeds goed dat er een telefoon is, waar je je vragen kunt stellen. Of gewoon je verdriet kwijt kunt. Een luisterend oor is altijd goed. En ik denk een vreemd luisterend oor misschien soms nog beter. En waar mensen je wijzen op alle telefoonnummers die er bestaan of de waar een alzheimercafe is waar je naar toe kunt gaan. En soms wijzen op het bestaan van buddy’s die je als mantelzorger even uit de brand kunnen helpen door wat leuks met de patient te gaan doen. Samen fietsen, naar de dierentuin, of gewoon een spelletje. Daarom dit blogje.
maandag 12 maart 2012
"Jong dementerend"
Als ik lees “het thema is: dementie op jonge leeftijd”lopen de rillingen over mijn rug. Mijn “alzheimermaatje” is 60. Dat vind ik jong. Haar man is 58. Ze hebben kinderen en kleinkinderen allemaal nog jong. Zij zit nu in het verpleeghuis. Op een huiskamer met “jong dementerende”. Goed, gelukkig zijn ze zo’n beetje van dezelfde leeftijd, maar verder is er niets gezelligs of leuks aan. Iedere zondagavond gaat ze weer terug. Afscheid nemen van haar man. Maar langzamerhand weet ze niet meer dat ze het volgende weekend weer naar huis gaat. Met haar tas met spulletjes. Ik word er verdrietig van. Ze hadden gehoopt samen “leuk”oud te worden. Hopen we dat niet allemaal. Zij heeft wel eens tegen mij gezegd: “ik haal de 70 niet”. En waarschijnlijk is dat ook zo. Ik zou niet in de schoenen van haar man willen staan. Al dat verdriet. Hij kan zijn ei niet meer bij haar kwijt. De dingetjes al zijn ze nog zo klein die je samen bespreekt. En ook de grote dingen: zoals de geboorte van hun kleinzoon. Het dringt niet meer tot haar door. Ze heeft ook wel eens tegen mij gezegd: “mijn gedachten lopen als zand door mijn vingers”. Toen was ze nog redelijk aanspreekbaar. Dan stak ze haar kleine slanke handen uit en spreide ze haar vingers. De tranen sprongen dan in haar en mijn ogen. We hebben in die tijd wat afgehuild samen. Maar gelukkig ook gelachen, en dat doen we nog steeds. De humor is nog niet weg. Ik hoop oprecht dat dat nog lang bij haar blijft. Als dat ook verdwenen is, dan is ze echt weg…..
Abonneren op:
Posts (Atom)